logodef

De vrijwilligersregeling per 1 januari 2019

In het onderwijs worden regelmatig zogenaamde vrijwilligersvergoedingen gegeven. Een vergoeding aan allerlei verschillende vrijwilligers voor allerlei verschillende vrijwilligers-werkzaamheden, zoals bijvoorbeeld: oppasouders die ondersteunen bij de TSO (tussen schoolse opvang), gepensioneerden die helpen de tuin te verzorgen, vrijwilligers die af en toe een klus doen voor de conciërge, helpen met schoonmaken, of kleding wassen. 

Een kleine vergoeding

Het geven van ‘salaris’ aan vrijwilligers is meestal niet de bedoeling, maar het geven van een kleine vergoeding is vaak wel gewenst. Daarvoor is de zogenaamde ‘vrijwilligersvergoeding’ bedoeld. Zolang het gaat om in omvang beperkte vergoedingen aan échte vrijwilligers, is dat ook vanuit de belastingdienst toegestaan (lees: onbelast mogelijk). Het grote voordeel van de vrijwilligersvergoeding is daarmee dat je geen rekening hoeft te houden met belastingen en premies. De vrijwilligersvergoeding is volledig onbelast: onbelast voor de werknemer, maar ook onbelast voor de werkgever. Met (loon)belastingen of premies heb je niet te maken en, in voorkomende gevallen, ook niet met BTW (!). Als gevolg hiervan komt de vrijwilligersvergoeding in het onderwijs veel voor. 

Om de verstrekking van vrijwilligersvergoedingen binnen de perken te houden, geldt er fiscaal de zogenaamde vrijwilligersregeling, een regeling die regelmatig (iets) wordt aangepast.

Aan de omvang van de vergoeding gelden per 1 januari 2019 de volgende beperkingen:

  1. niet méér dan € 1.700,- per jaar (was voorheen: € 1.500,-) én
  2. niet méér dan € 170,- per maand (was voorheen: € 150,-) én
  3. niet méér dan ca. € 5,- uur (was voorheen: € 4,50).

Deze 3 grenzen gelden voor personen van 21 jaar en ouder (deze leeftijdsgrens geldt ook eerst per medio 2019; voorheen was het 23 jaar en ouder). Deze 3 grenzen gelden ook voor bijstandsgerechtigden van 21 jaar en ouder.

 

Wanneer kan de vrijwilligersregeling worden toegepast?

De regeling kan alleen worden toegepast als het werk ‘belangeloos’ en niet ‘beroepsmatig’ wordt gedaan: alleen als van ‘echt vrijwilligerswerk’ sprake is. Eén en ander naar "maatschappelijke opvatting". Dit houdt oa in dat een vrijwilliger geen (arbeids-)contract met de onderwijsinstelling heeft; vrijwillig betekent namelijk ook: contractueel ongebonden. 

Kan elke onderwijsinstelling de vrijwilligersregeling gebruiken?

Vroeger was het antwoord een simpel “ja”, tegenwoordig is het iets ingewikkelder. Het is nog steeds “ja” als de onderwijsinstelling over de zogenaamde “ANBI”-status (ANBI: “Algemeen Nut Beogende Instelling”) beschikt. Het is “nee” tenzij de onderwijsinstellingen vrijgesteld is van “winstbelasting” (vennootschaps-belasting).

Kort gezegd: als scholen activiteiten ontplooien waarmee zij naar winst streven, dan vallen deze scholen onder de winstbelasting, en kan de vrijwilligersregeling niet meer worden toegepast. Voor ‘winst-activiteiten’ mag je geen vrijwilligers inzetten.

Vanuit de fiscale optiek kan het in voorkomende gevallen wel aanbevolen worden om aan vrijwilligers een soort van overeenkomst aan te bieden: een “vrijwilligers-overeenkomst” waarin je nadrukkelijk met elkaar afspreekt dat het om echt vrijwilligerswerk gaat, dat wordt gedaan door een echte vrijwilliger. Ook echt vrijwillig bestuursleden/Raad van Toezicht-leden kunnen een vrijwilligersvergoeding ontvangen.

 

Nog een paar laatste attentiepunten bij de vrijwilligersvergoeding:

  • Let erop dat het een ‘totaal’vergoeding betreft. Het is dus een vergoeding inclusief alle eventuele kosten die de vrijwilliger maakt en eventuele andere attenties die u hem geeft. Denk bijvoorbeeld aan reiskosten, een VOG of een kerstpakket: het totaal wat u aan de vrijwilliger geeft, mag niet boven de aangegeven maxima uitkomen.
  • Is de vergoeding (iets) hoger dan ca. € 5,- per uur, dan hoeft het niet onmiddellijk ‘fout’ te gaan, maar dan moet de onderwijsinstelling aantonen dat die hogere uurvergoeding, zoals dat heet, toch niet “marktconform” is (en dat blijkt in de praktijk buitengewoon lastig!).
  • Een vrijwilligersvergoeding mag alleen áchteraf worden uitbetaald.
  • Aan het einde van het jaar is aan te bevelen de uitbetaalde bedragen telkens via zogenaamde IB-47-opgave aan de belastingdienst op te geven.

Contact

Heeft u wellicht vragen rondom de toepasselijkheid van de vrijwilligersvergoeding? Neem dan contact op met Wilma Rijndorp via wilma.rijndorp@dyade.nl of 06-25490300.