• Personele administratie
  • Financiele administratie
  • Advies
  • Onderwijshuisvesting
  • Interim-professionals
  • Cursussen
  • Voordeelservice
  • Dienstverleningspakketten
  • Dyademagazines
  • Management Loket
  • Onderwijs Advertenties
  • Downloads & Links
  • Nieuws
  • Veel gestelde vragen
  • Facilitaire dienstverlening
  • samenwerking vastgoed
  • Merces @Work
  • Contact
  • Organisatie
  • Vacatures
  • Vestigingen

Onderwijswethouder Rotterdam Peter Lamers in Dyademagzine: Lekker fit in Rotterdam

Regelmatig spreekt Dyade met smaakmakers in het onderwijs. Voor deze editie van Dyademagazine zijn we op bezoek gegaan bij Peter Lamers, wethouder van Jeugd, Gezin, Onderwijs en Sport in Rotterdam. Kort na de Rotterdam Marathon worden wij op zijn kantoor in het mooie Rotterdamse stadhuis aan de Coolsingel gastvrij ontvangen met een lunch. Inspirerend en enthousiast vertelt Peter Lamers over de onderwijsontwikkelingen in Rotterdam.

door Herman de Wild en Wilma Antonisse

Hoe bevalt het u in Rotterdam?
“Ik ben geboren en getogen in Rotterdam, het bevalt mij dus prima. Dat ik hier wethouder mag zijn, is een jongensdroom. Het is mijn uitdaging ‘zaken’ de goede kant op te krijgen, wetende wat de beperkingen zijn van een stadsbestuur. Het is ongelooflijk mooi dat te mogen doen. Een eventuele volgende termijn? Nee, dat zit er niet in. Wij hebben twee kleine kinderen en door het wethouderschap ben je veel van huis en dat is toch lastig te combineren. Een nieuwe uitdaging in het onderwijs ligt meer voor de hand.”

Wat gaat goed in Rotterdam en wat zijn verbeterpunten?
“Er gaat veel goed in Rotterdam, maar we laten ons nog te veel verleiden uit te leggen wat er níet goed gaat. Dat herken ik ook uit het onderwijs; we moeten ons meer richten op wat goed gaat en dit meer uitdragen. We zien nog steeds dat vooral gezinnen met kinderen de stad uit trekken. Rotterdam werkt daarom ontzettend hard aan het kindvriendelijker maken van de stad. Zo zijn zeven van de elf pilotwijken waarin we gestart zijn, aantoonbaar kindvriendelijk geworden. Er is meer speelruimte, het verkeer is veiliger en er zijn meer activiteiten voor kinderen. Vaak gaat het om kleine ingrepen. Wat we geleerd hebben is, dat het slim is aan de zonkant de stoep breder te maken, zodat er meer buitenspeelruimte is voor kinderen. Ook investeren we heel bewust in goede voorzieningen voor scholen. Rotterdam is trots op de brede scholen. We hebben er nu in totaal 46. Daarmee staat Rotterdam op de kaart. Het is een uniek aanbod, waarbij kinderen minimaal zes uur per week extra les krijgen. Daarnaast zijn er nog andere typen scholen waar meer les wordt gegeven, of waar niet alleen leerlingen van de school aan meedoen. Het onderwijs moet aantrekkelijk zijn voor leerlingen, de omgeving én de ouders.”

Waar kan nog winst geboekt worden?
“Er moeten nóg eenvoudigere regels voor het onderwijs komen. In het activiteitenaanbod van brede scholen moet rekenen en taal beter verweven worden. We gaan ook verder met het Lekker Fit!-programma (zie kader). Maar waar vooral veel winst te boeken is, is de integrale aanpak. Als gemeente en deelgemeente bieden we veel verschillende programma’s aan, vaak gericht op dezelfde doelgroep. Dat kun je beter integraal aanpakken, waardoor de verantwoording ook simpeler wordt. Want waarom maken we die programma’s voor talentontwikkeling, cultuur, sport et cetera? Uiteindelijk is het allemaal voor dezelfde kinderen.”

Hoe kijkt u aan tegen de maatschappelijke rol van een school?
“De school is de tref- en verzamelplaats van kinderen. Daarom is het logisch dat heel veel zaken om en rond de school georganiseerd zijn. Daarbij moeten we uiteraard de verantwoordelijkheid van de ouders niet overnemen. Wel moeten we nadenken over hoe we activiteiten meer in lijn met elkaar organiseren. Zorg dat activiteiten in het verlengde van elkaar zijn. Daarmee versterk je de maatschappelijke rol van een schoolorganisatie.”

Hoe kijkt u aan tegen bezuinigingen in het onderwijs?
“We moeten herprioriteren, niet bezuinigen! Maar als het dan toch moet, zou ik zeggen dat er winst te boeken is door zaken slimmer te organiseren. Waarom een bibliotheek in de wijk en niet in de school? Dat kan met een aantal scholen worden opgepakt.
Tussenschoolse opvang, buitenschoolse opvang et cetera is in het buitenland  anders georganiseerd. Daar wordt meer gedacht vanuit het kind. De voorzieningen worden daar veel meer bij elkaar gebracht, door slim te organiseren. Op het rooster staat bijvoorbeeld niet eerst sport en dan de ‘lastige’ vakken, maar eerst de ‘lastige vakken’ en daarna sport. Of maak sport onderdeel van een goed pedagogisch concept. Zorg daarbij dat je in het primair onderwijs in alle activiteiten meer aandacht geeft aan taal. Bij het Zadkine college (beroepsopleidingen en volwasseneducatie) bijvoorbeeld, stromen veel kinderen in met een taalachterstand. Kinderen zijn leergierig. We moeten veel meer vanuit één integraal onderwijsconcept denken en doen. Bijvoorbeeld met doorstromende leerwegen. Maar doordat we reguliere lestijd te kort komen, moeten alle activiteiten binnen het integrale concept dan iets met taal en rekenen te maken hebben. Dan krijg je synergie in een pedagogisch concept, waarin leerlingen en leraren met plezier werken.”

Scholen moeten dus ruimer, meer conceptueel gaan denken?
“Ja, dat klopt. De overheid kan daarin stimuleren. Er gaat veel geld naar de kinderopvang, omdat het een inkomensmaatregel is. Het kind of de leerling staat dus niet centraal. Want hebben we het beleid nu zo ingericht dat er doorlopende zorg is vanaf de leeftijd van vier jaar? Nee! Waarom organiseren we kinderopvang en peuterspeelzalen zo apart van het onderwijs? Kinderen die niet naar de kinderopvang of peuterspeelzaal gaan, stromen nu vaak direct al in met een taalachterstand. We hebben het heel ingewikkeld gemaakt in Nederland. Daarom moeten we de behoefte van het kind centraal stellen en het stelsel daarop aanpassen. Geld zo inzetten dat we het slimmer en efficiënt doen.”

Bezuinigen op bestuur en management?
“Door de hedendaagse verkokering hebben we nu veel budgetten voor dezelfde doelgroepen. Denken we via de koker, dan neemt de verantwoordingslast alleen maar toe. Door de verantwoordingslast lichter te maken, houden we meer geld in het primaire proces. De gemiddelde directeur van een basisschool heeft overigens een relatief laag inkomen. En dat terwijl die wél verantwoordelijk is voor 200 tot 300 kinderen. Daarbij komen nog de medezeggenschap, de ouders, de regelingen en het personeel. Kortom, een heel zware klus. Soms heb ik het gevoel dat de verhoudingen scheef liggen. Ik neem mijn petje af voor directeuren in het onderwijs; er zijn weinig sectoren waar managers zo veel zelf doen. Schooldirecteuren zijn niet echt vrijgesteld om te managen. Daar moeten we niet op bezuinigen. Integendeel, de beeldvorming van ‘te veel geld aan management en bestuur’ is vaak gebaseerd op onkunde. Mensen weten niet wat er speelt in schoolorganisaties en wat er bij komt kijken een excellente schoolorganisatie in de markt te zetten.”

Wat gaat u daar in Rotterdam aan doen?
“Ik ben er een groot voorstander van nog eens te kijken naar de betaling van (adjunct)directeuren in grootstedelijke gebieden. Hier in Rotterdam voor de klas staan, vraagt heel veel van mensen. Dat moet een uitdaging zijn, maar leerkrachten worden gelijk betaald in Nederland. Terwijl de woonlasten in grootstedelijke gebieden vaak hoger zijn. Ook fileproblematiek speelt een rol. In andere sectoren, zoals bij de politie wordt daar anders mee omgegaan. Daar moet in echt naar gekeken worden. In het onderwijs concurreert Rotterdam met de Hoeksewaard, de Alblasserwaard, Utrecht en Zuid Nederland. We overwegen in Rotterdam of het mogelijk is toeslagen toe te kennen voor bijvoorbeeld bepaalde huisvestingskosten of andere onkosten. Voor hetzelfde geld heb je daar een veel ‘beter’ huis en minder last van files.”

Heeft het onderwijs in Rotterdam ook een ‘Rotterdam Marathon’?
“Jazeker! De helft van de Rotterdamse basisscholen mag zich ‘Lekker Fit’-school noemen. Dan gaat het om gezond eten, veel sport en les van echte gymleraren. Bovendien zijn er al 1.200 kinderen in Rotterdam lid van één van de 18 schoolsportverenigingen. Om overgewicht tegen te gaan is het heel belangrijk dat onze kinderen meer gaan bewegen. Als sportstad nummer één, met veel topsportevenementen is dat dé sportieve uitdaging.”


Aanbieding: Gratis een half jaar het Dyademagazine


Besturen, schooldirecteuren kunnen gedurende een half jaar en zonder verplichtingen het Dyademagazine gratis ontvangen. Na dit half jaar stopt de toezending automatisch.
U kunt uw belangstelling doorgeven aan Herman de Wild (Manager Marketing & Communicatie Dyade): herman.de.wild@dyade.nl